71
3.0 BEDIENING EN GEBRUIK
3.1
LAD-SAF
™
-SYSTEEMGEBRUIK:
Inspecteer VÓÓR ELK GEBRUIK
het systeem en de kabelmof volgens sectie 5.0.
Controleer op de labelmarkeringen of het systeem in het afgelopen jaar formeel geïnspecteerd is.
GEBRUIK GEEN
onjuist
onderhouden Lad-Saf
™
-systeem en
BEKLIM GEEN
constructie die niet in een goede toestand verkeert. Inspecteer de
afneembare kabelmof volgens sectie 5.3. Inspecteer het volledige lichaamsharnas volgens de instructies van de fabrikant.
Inspecteer het Lad-Saf-ladderveiligheidssysteem volgens sectie 5.4.
3.2 PLAN
uw gebruik van het Lad-Saf
™
-systeem
voordat u met het werk gaat beginnen
. Houd rekening met alle factoren
die invloed hebben op uw veiligheid
voordat u met het werk gaat beginnen
.
Volg de veiligheidsinformatie in deze sectie om ernstig letsel of de dood te voorkomen:
•
Controleer of het systeem geschikt is voor het benodigde aantal gebruikers.
•
Het aansluiten aan en loskoppelen van het systeem gaat gepaard met risico’s. Gebruik secundaire
valstopbescherming. Controleer of er geschikte verankeringspunten, tussenplatforms of andere middelen beschikbaar
zijn op aansluit- en loskoppelpunten om een veilige overstap van en naar het systeem mogelijk te maken.
•
Bekijk waar in het werkgebied risico’s kunnen optreden die letsel aan de gebruiker of schade aan het systeem kunnen
veroorzaken, zoals hitte, elektrische risico’s, chemische risico’s, vallende voorwerpen of bewegende machines.
•
Er is een minimale valspeling van 2 meter (7 ft.) noodzakelijk tussen de voeten van de gebruiker en het
onderliggende oppervlak. De gebruiker is mogelijk tijdens de eerste 2 meter (7 ft.) van omhoog klimmen of de laatste
2 meter (7 ft.) van omlaag klimmen niet beschermd tegen in aanraking komen met de grond of het platform. Gebruik
de juiste klimprocedures (d.w.z. houd drie contactpunten aan met handen en voeten) tijdens het omhoog of omlaag
klimmen van een deel van de ladder dat niet beschermd is door het Lad-Saf
™
-systeem.
•
Gebruik de juiste veiligheidsprocedures tijdens het klimmen. Draag geen gereedschap of apparatuur met de hand.
Houd uw handen vrij voor het klimmen. Maak items die worden gedragen, goed vast om te voorkomen dat ze op
klimmers onder u terechtkomen. Klim binnen uw mogelijkheden. Bij een lange klim kan het nodig zijn diverse
rustpauzes in te lassen tijdens het omhoog of omlaag klimmen om uitputting te voorkomen. Gebruik voor rustpauzes
de juiste positioneringsapparatuur voor het werk. KLIM niet als het hard waait of anderszins slecht weer is.
•
Zorgen voor slechts een gebruiker is klimmen tussen kabelgeleiders.
3.3
VERBINDING VAN DE AFNEEMBARE KABELMOF MET DE DRAAGKABEL:
Zie Figuur 2 voor de identificatie van
componenten waarnaar verwezen wordt in de volgende stappen:
Stap 1.
Positioneer de mof zodanig dat de pijl voor ‘Deze zijde boven’ op de mof (I) omhoog wijst
.
(Zie Figuur 6)
Stap 2.
Roteer de vergrendelingshendel (G) naar de niet-vergrendelde positie. Figuur 3 geeft de
vergrendelde (1) en
niet-vergrendelde (2) posities van de vergrendelingshendel weer. De vergrendelingshendel bevindt zich aan
beide kanten van de afneembare kabelmof voor zowel rechtshandige als linkshandige bediening. (Zie Figuur 7)
Stap 3.
Trek de roterende zijplaat (C) naar zijn verste positie. Zodra de roterende zijplaat zich in zijn verste geroteerde
positie bevindt, kan de vergrendelingshendel (G) worden losgemaakt. De kam (L) zal volledig uitgeklapt zijn.
(Zie Figuur 8)
Stap 4.
Roteer de hendel (D) naar zijn volledig rechtopstaande positie. Hierdoor kan de kam (L) uit de weg vallen om de
mof op de kabel te installeren. (Zie Figuur 9)
Stap 5.
Houd de mof rechtop en steek de kabel (A) door de opening aan de zijkant van de mof met een omhoogtillende
beweging. Plaats de kabel in de mofinsnijding. Maak de hendel (D), de roterende zijplaat (C) en de
vergrendelingshendel (G) los om de mof op de kabel te vergrendelen.
Zorg er vóór gebruik voor dat de
vergrendelingshendel (G) zich in de vergrendelde positie bevindt.
(Zie Figuur 10)
3.4
VERBINDING VAN DE LAD-SAF
™
X2 AFNEEMBARE KABELMOF MET HET HARNAS:
•
V
erbind de karabijn- of musketonhaak op de mof (Figuur 2, J) aan de voorste D-ring van het volledige
lichaamsharnas (Figuur 1, G) die bestemd is voor het beklimmen van ladders. De D-ring bevindt zich boven het
lichaamszwaartepunt van de gebruiker, vlak bij het borstbeen.
•
Gebruik altijd de karabijn- of musketonhaakverbinding die bij de mof is geleverd. Vervang het niet door andere
verbindingen.
•
Gebruik geen andere verbindingsmiddelen zoals een reddingslijn, ketting, koppeling, kram enz. in combinatie met
de verbinding die bij de mof is geleverd.
•
De verbinding tussen de mof en het volledige lichaamsharnas mag voor of nadat de mof op de draagkabel
geïnstalleerd is, gemaakt worden.
•
Zorg er bij het maken van de verbinding voor dat de karabijnhaak- of musketonhaakgate volledig gesloten en
vergrendeld is.
Gebruik secundaire valbescherming (bv. een reddingslijn) tijdens het aansluiten of loskoppelen van de mof aan of
van de draagkabel. Zorg ervoor dat u de verbinding van de mof aan de kabel helemaal hebt afgerond voordat u de
secundaire valbescherming verwijdert.
GEBRUIK de Lad-Saf
™
X2 afneembare kabelmof niet als hulpmiddel voor werkpositionering. Gebruik waar nodig de
juiste hulpmiddelen voor werkpositionering.
Het vastpakken van de mof tijdens het omhoog of omlaag klimmen stelt de medewerker bloot aan valrisico’s.
OMHOOG KLIMMEN:
Klim de ladder op terwijl u te allen tijde drie contactpunten aanhoudt (met handen en voeten). De
Lad-Saf
™
X2 afneembare kabelmof zal de klimmer volgen. De kabel springt telkens uit de kabelgeleiders (Figuur 1, D)
zodra ze bereikt worden.
Pak de mof niet vast en haal hem ook niet uit de draagkabel tijdens het passeren van
de kabelgeleiders of als de mof zichzelf vergrendelt.