
16
Voor de installateur
2.3
Montage van het toestel
2.3.1
Bevestiging
Bij de bevestiging van het toestel dient men als volgt te werk te gaan:
●
De meegeleverde ophangstrip (
3
) horizontaal – uitsparing van de lus naar boven -aan de
montagewand schroeven. Gebruik hiervoor bevestigingsmateriaal (schroeven, pluggen) dat geschikt
is voor het betreffende type wand.
Met het horizontale en verticale langgat is richten mogelijk als het boorgat uit het midden is.
●
Het toestel met de bovenste verticale uitsparingen van de achterwand in de ophangstrip hangen.
●
Het toestel en de ophangstrip met de bevestigingsschroef (
4
) vastschroeven.
2.4
Elektrische aansluiting
De elektrische aansluiting kan alleen op wisselstroom 230 V ~ 50 Hz plaatsvinden. Voor de aansluiting
dient op een afstand van ten minste 10 cm van de zijkant van het verwarmingstoestel een veiligheids-
wandcontactdoos of een toestelcontactdoos voor een vaste aansluiting geïnstalleerd te worden.
Bij de vaste aansluiting mag het aansluitsnoer niet tegen het toestel aan liggen. Het snoer wordt
zodanig ingekort (stekker afsnijden) dat deze direct naar de vaste contactdoos leidt.
De gestripte snoeruiteinden worden van draadeindhulzen voorzien.
*
Bij gebruik met een externe kamerthermostaat (zie blz. 3).
2.5
Overdracht
Leg aan de gebruiker de toestelfuncties uit. Maak hem vooral attent op de veiligheids-voorschriften.
Overhandig de gebruiks- en installatieaanwijzing aan de gebruiker.
2.6
Technische gegevens
Type
VH 211
Afmetingen
H / B / D
mm
400 / 276 / 115
Gewicht
kg
3,0
Aansluiting
1/N ~ 230 V 50 Hz
Vermogen
kW
2,0
Temperatuur-instelbereik
°C
ca. 5 tot 35
Vorstvrijstand
°C
ca. 5
Isolatieklasse
II
Isolatiesoort
IP 23, spatwaterdicht
Goedkeuringen
zie type plaatje
3.
Garantie
Aanspraak op garantie bestaat uitsluitend in het land waar het materiaal gekocht is.
U dient zich te wenden tot de vestiging van AEG of de importeur hiervan in het betreffende land.
De montage, de elektrische installatie, het onderhoud en de eerste inbedrijfname mag uitsluitend
worden uitgevoerd door een gekwalificeerd persoon.
De fabrikant is niet aansprakelijk voor defecte toestellen, welke niet volgens de bijgeleverde
gebruiks- en montageaanwijzing zijn aangesloten of worden gebruikt.
3.1
Milieu en recycling
Wij verzoeken u ons bij de bescherming van het milieu behulpzaam te zijn. Verwijder de verpakking
daarom overeenkomstig de voor de afvalverwerking geldende nationale voorschriften.
3.1.1
Recycling van oude toestellen
Toestellen met dit kenmerk horen
niet
thuis in de vuilnisbak en zijn apart in te zamelen en te
recyclen. De recycling van oude toestellen moet steeds vakkundig en volgens de ter plaatse
geldende voorschriften en wetgeving plaats vinden.
Summary of Contents for VH 211
Page 3: ...3 ...